Meerdere gewassen komen op het bedrijf voor. Granen en snijmais worden mechanisch vrij gemaakt van niet-gewenste planten; ze worden geteeld om te oogsten als wintervoer. Aardappelen worden geteeld om via de boerderij- winkel te verkopen.

Vanaf 1990 is het bedrijf biologisch.

Biologisch betekent dat er geen gebruik gemaakt wordt van kunstmest en dat bestrijdings- middelen noch chemische gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. Ook kan er geen sprake zijn van genetiche manipulatie.

Daaruit volgt dat bemesting plaats vind op basis van wat bodem aan kan, een zogenaamde evenwichtsbemesting. Het vee loopt in potstallen; dit zijn stallen waarvan de ligruimte ingestrooid wordt met stro. Zodra de weersomstandigheden het toelaten en de grasgroei voldoende is gaat vee de weide in.

De graslandpercelen bevatten niet alleen hoogproductieve grassen. Ook staat er klaver in de weide om de gewasproductie op een natuurlijk wijze te verhogen. Daarnaast komen er ook andere kruiden voor in de weide; soms kunnen ze zodanig in aantal
toenemen dat ze tot onkruiden worden. De akkersdistel en ridderzuring vormen zo nu en dan een zo groot aandeel in het bestand dat ze bestreden moeten worden. Door ze met de hand uit te steken, ze voor de bloei te maaien of het weiland braak te leggen worden ze in toom gehouden.